Cursus Historie

Cursus Historie van de Vrienden van Schokland seizoen 2016-2017

Op zaterdag 15 oktober 2016 starten de Vrienden van Schokland met een cursus over de Noordoostpolder in Oorlogstijd. Kijk voor meer informatie op www.nopinoorlogstijd.nl

De Noordoostpolder is september 1942 drooggevallen, maar de werkzaamheden voor de aanleg waren al ver voor de Tweede Wereldoorlog gestart. De dijk tussen Lemmer en Urk werd op 3 oktober 1939 gesloten, de dijk tussen Vollenhove en Urk op 13 december 1940. Daarna kon met het droogmalen worden begonnen. De Noordoostpolder kreeg drie gemalen; Gemaal Buma bij Lemmer, Gemaal Vissering bij Urk en Gemaal Smeenge bij Vollenhove. Gemaal Buma was als eerste gemaal operationeel en heeft het overgrote deel van het droogmalen voor haar rekening genomen.

Nadat de polder in 1942 was drooggevallen, kon met de ontginning worden begonnen. De Duitse bezetter ondersteunde de ontginning omdat het gebied in de toekomst bij de voedselvoorziening kon helpen. Daarom verstrekte de bezetters werkvergunningen aan mensen die in de polder kwamen werken. De eignaar van een dergelijke Ausweis hoefde niet voor dwangarbeid naar Duitsland. Dat maakte de polder in de oorlog zeer aantrekkelijk voor mensen wie de grond onder de voeten te heet werd. Het verstrekken van de werkvergunningen gebeurde zeer ruimhartig door Bert Knipmeijer die in Kampen werkzaam was voor de Rijksdienst voor de Wieringermeer (Noordoostpolderwerken). Hij hielp veel mensen aan een werkvergunning ook als ze eigenlijk niet geschikt waren voor de ontberingen van het harde werken aan de eerste ontginning van de NOP.

Bert Knipmeijer was ook leider van een verzetsgroep die actief was in de Noordoostpolder en die onder andere meehielpen bij zogeheten droppings uit vliegtuigen uit Engeland die wapens, munitie en radio’s aan parachutes afwierpen boven de NOP.

De Duitse bezetter heeft in de oorlog tweemaal een razzia georganiseerd in de NOP om de legaal en illegaal daar werkzame mannen bijeen te drijven en af te voeren voor dwangarbeid naar Duitsland. De grootste razzia vond plaats in de nacht van 17 november 1944. Er werden 1.800 mensen opgepakt. Ze werden onder bewaking afgemarcheerd naar Meppel waar ze op treinen naar Duitsland werden afgevoerd. Medewerkers van de Rijksdienst konden ternauwernood nog 400 onmisbare polderwerkers redden uit het transport.

Er zijn in de Noordoostpolder in de Tweede Wereldoorlog op 21 plaatsen vliegtuigen neergekomen. In 1940 kwamen al de eerste toestellen neer, maar vooral nadat de Verenigde Staten laat in 1943 gingen meedoen met de oorlog in Europa kwamen er in heel Nederland veel toestellen neer. De Duitse luchtafweer deed er alles aan om de geallieerde toestellen af te vangen voordat ze Duitsland konden bombarderen. De vliegtuigen die wel hun bommen konden afwerpen boven Duitsland werden op de terugweg naar hun basis in Engeland voor een tweede keer belaagd door de Duitse luchtafweer.

De arbeiderskampen die overal in de NOP werden gebouwd om onderdak te bieden aan de talloze werkenden tijdens de ontginning, werden direct na de oorlog gebruikt om collaborateurs en andere ‘foute’ Nederlanders op te sluiten. Er werd eenvoudigweg een prikkeldraadversperring om het kamp gezet. Zo werden er veel Nederlanders in de NOP-kampen geïnterneerd die in de Oorlog actief waren voor de Nationaal Socialistische Beweging (NSB).

website: www.nopinoorlogstijd.nl
U kunt u opgeven voor de cursus Historie bij de cursuscoördinator: hollestelle@xs4all.nl of bellen met 06 105 202 29.

De cursusbijeenkomsten worden gehouden op zaterdagochtend van 11:00 tot 13:00 uur op de Stenenzolder van Museum Schokland

Zaterdag 15 oktober: Henk van Heerde over WO2 in Vollenhove
Zaterdag 12 november: Jaap Bakker over WO2 op Urk.
Zaterdag 3 december: Herman Broers over Bert Knipmeijer.
Zaterdag 7 januari: Aaldert Pol over de Razzia’s in de NOP.
Zaterdag 4 februari: Hans Hollestelle over 21 crashes in de NOP in WO2.
Zaterdag 4 maart: Iemand over Lemmer?
Zaterdag 1 april: Robert Hofman over de NSB-kampen in de NOP
Zaterdag 6 mei Excursie

De Britse documentairefilm uit 1981 "Some of our Airmen are nog longer missing" handelt over het opgraven van neergestorte vliegtuigen uit de Tweede Wereldoorlog. Bergingsofficier Zwanenburg is in deze documentaire in Flevoland bezig met de opgraving van onder andere de Amerikaanse "Liberator" bommenwerper B-24H (42-7638) van Charles Taylor en de Duitse Focke Wulf Fw-190 jager van Karl-Heinz "Charly" Willius die zich met piloot en al bij Genemuiden in de grond boorde. In 1967 werd het wrak geborgen met de handen van de overblijfselen van Charly nog aan de stuurknuppel.

 

Word lid!

U kunt hier voor € 15,- per jaar lid worden van de Vrienden van Schokland.

Deel: